Praktijkplan voor een voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur

In de Whitepaper Food Safety Culture: basis voor bestaansrecht beschrijven we het stappenplan voor een goede voedselveiligheidscultuur. Maar hoe implementeer je dit in de praktijk? Volg dit praktijkplan en realiseer een goede voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur binnen jouw bedrijf.

1. Voer een 0-meting uit

Maak een vragenlijst

Om een goed cultuurplan uit te rollen, start je met een 0-meting. Deze meting helpt je om een beginpunt vast te stellen en om impact van verbetermaatregelen inzichtelijk te maken. Een 0-meting voer je bijvoorbeeld uit middels vragenlijsten. De resultaten geven inzicht in de voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur van een bedrijf. Bepaal voor het opstellen van de vragenlijst indicatoren die onderzocht moeten worden. Welke factoren hebben invloed op of kunnen inzicht geven in de cultuur van jouw bedrijf? Denk aan onderwerpen als betrokkenheid, leiderschap of communicatie en stel vragen die hieraan gekoppeld zijn. Door scores te geven aan de vragen, maak je de uitkomst meetbaar.

Laat de vragenlijst anoniem invullen

Een anonieme vragenlijst helpt om een hogere respons en een eerlijker beeld van de cultuur te krijgen. Verspreid de vragenlijst bijvoorbeeld via mail of het interne communicatiesysteem. Om ook productiemedewerkers te bereiken, deel je de vragenlijst uit in de kantine. Maak een box waar medewerkers de ingevulde lijsten in kunnen doen.

Houd rekening met anderstaligen

Maak de vragenlijst voor alle medewerkers toegankelijk door deze in verschillende talen te verstrekken. Voor een goede 0-meting is het belangrijk om een representatieve groep te laten deelnemen. Neem daarom alle lagen uit het bedrijf mee en zorg voor een representatief aantal deelnemers.

Betrek het hele management bij de 0-meting (stap 1 uit de whitepaper)

Betrek het management bij de 0-meting om voldoende draagvlak te creëren. Vraag bijvoorbeeld input bij het opstellen van de vragenlijst. Welke onderwerpen vindt directie belangrijk of interessant? Daarnaast vult de directie een statustabel in, vóórdat de 0-meting wordt uitgevoerd. Hierin maakt men een overzicht van de gewenste cultuur. De uitkomsten van de 0-meting vergelijk je in de volgende stap met de statustabel.

Food safety culture

2. Maak een verbeterplan

Op basis van uitkomsten uit de 0-meting wordt een verbeterplan voor het bereiken van een goede voedselveiligheidscultuur opgesteld.

Creëer een duidelijke strategie (stap 2 uit de whitepaper)

Vergelijk uitkomsten uit de 0-meting met de door directie ingevulde statustabel en maak verschillen inzichtelijk. Bepaal op basis hiervan de verbeterstrategie. Stel hierbij onder andere de volgende vragen:

  • Welke zaken vallen op?
  • Welke aandachtspunten vindt de organisatie het meest belangrijk?
  • Wie zijn de belanghebbenden?
  • En op welke afdelingen is bijvoorbeeld de meeste winst te behalen?
  • Komen er onverwachte zaken aan het licht?
Bedenk SMART doelstellingen

Bedenk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) doelstellingen voor het verbeterplan. Betrek relevante afdelingen hierbij en stel de doelstellingen samen op, zodat de doelstellingen breed gedragen worden.

Neem deze vier elementen op in het verbeterplan

Volgens het GFSI omvat een goede voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur minstens vier elementen. Neem in ieder geval deze onderwerpen mee in het verbeterplan:

  • Communicatie
  • Opleidingen
  • Feedback van medewerkers;
  • Prestatiemeting van aan voedselveiligheid en kwaliteit gerelateerde activiteiten
Communiceer het beleid en de verwachtingen (stap 3 uit de whitepaper)

Wanneer de strategie bepaald is, stel je een bijbehorend communicatieplan op. Het moet duidelijk zijn welke verwachtingen worden gesteld aan de medewerkers. Hulpmiddelen hiervoor zijn onder andere goede functieomschrijvingen of een duidelijke verantwoordelijkhedentabel. In sommige gevallen is het wenselijk om het beleid van de organisatie aan te passen op de vastgestelde strategie. Het management kan het beleid uitdragen door voldoende zichtbaar te zijn op de werkvloer en het goede voorbeeld te geven.

Train de medewerkers (stap 4 uit de whitepaper)

Eén van de belangrijkste onderdelen van een goede voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur is training van medewerkers. Zorg voor voldoende persoonlijke aandacht en bepaal in overleg met medewerkers de trainingsbehoefte. Wat past in het ontwikkeltraject van de medewerker? Een trainingsplan dat specifiek is afgestemd op de medewerker zorgt voor meer betrokkenheid en een beter resultaat. Deel tijdens trainingen verhalen en lessen uit de praktijk, geef voorbeelden waar een medewerker zich in kan herkennen.

Deel relevante informatie (stap 5 uit de whitepaper)

Neem medewerkers tijdens de implementatiefase mee in de voortgang door relevante informatie te delen. Denk hierbij aan (uitkomsten van) bezoeken van klanten, auditplanning en -uitkomsten, informatie na het lopen van glas- en hygiënerondes, trends in klachten en resultaten van een klant- en/ of medewerkertevredenheidsonderzoek. Door voldoende relevante informatie te delen, vergroot je de betrokkenheid van medewerkers. Zorg ook dat het bedrijf de doelstellingen niet uit het oog verliest en volg deze samen met de betrokken afdelingen op.

4. Voer een follow-up audit uit

Na een periode van implementatie, volgt een follow-up audit om te beoordelen of de strategie en het verbeterplan het gewenste resultaat opleveren. Laat deze audit door een medewerker uitvoeren die over de juiste competenties beschikt of roep de hulp in van een externe expert.

Vraag feedback (stap 6 uit de whitepaper)

Een onderdeel van de follow-up fase is het vragen van feedback aan medewerkers. Neem het onderwerp voedselveiligheidscultuur bijvoorbeeld mee in functioneringsgesprekken. Faciliteer daarnaast dat medewerkers hun zorgen in een veilige omgeving kunnen melden bij een vertrouwenspersoon of anoniem via een klokkenluidersregeling. Ook observaties van gedrag of procesuitvoering kunnen feedback opleveren.

Meet resultaten (stap 7 uit de whitepaper)

Zorg bij de follow-up audit voor meetbare resultaten. Herhaal bijvoorbeeld de vragenlijst uit de 0-meting na een bepaalde periode om te zien of en op welke gebieden de score is verhoogd. Ook het opvolgen van SMART doelstellingen kan helpen om resultaten meetbaar te maken. Heeft het bedrijf de gewenste score en doelstellingen behaald of is dit niet helemaal gelukt? Zo niet, zoek dan uit wat de oorzaak is en pak die aan.

Waardeer en vier successen (stap 8 uit de whitepaper)

Vaak wordt bij een audit gekeken naar verbeterpunten en zaken die niet goed gaan. Maar voor een goede cultuur is het juist belangrijk om positieve punten aandacht te geven. Moedig bijvoorbeeld positieve en proactieve verandering in gedrag aan. Neem dit mee tijdens de HR-cyclus. Vier successen door taart uit te delen of een kaart te sturen wanneer de audit is behaald. Communiceer positieve gevolgen van werkzaamheden of veranderingen, en probeer niet te veel te focussen op wat niet goed gaat. Dit zorgt voor een positieve cultuur en meer bereidheid tot veranderen.

mannen kijken naar kunststof bakken

5. Formuleer een continu verbeterplan

Na het volgen dit stappenplan heeft jouw bedrijf een zeer mooie start gemaakt met het opzetten en verbeteren van de voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur. Ga zo door en formuleer een continu verbeterplan om de cultuur te onderhouden. Blijf bovenstaande stappen herhalen, waarbij de laatste opvolgaudit gezien kan worden als startpunt.

Vraag om hulp

Het realiseren van een goede voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur vraagt om flink wat kennis en inspanningen. Schroom niet om hulp te vragen. Onze experts helpen je graag op weg, bijvoorbeeld met een 0-meting, verbeterplan en/of implementatie van de juiste maatregelen.

In hoeverre is Food Safety Culture al geïmplementeerd in uw organisatie? Vul de checklist in en kom erachter

Cultuurverandering in een organisatie is een kwestie van een lange adem. Het gaat om een investering voor de lange termijn en mensenwerk. Om een goede Food Safety Culture te implementeren is betrokkenheid van het gehele management belangrijk, maar ook het trainen van medewerkers.

Hoe ver is uw organisatie met het implementeren van Food Safety Culture? Al aardig op weg of staat u aan het begin? Vul onderstaande checklist in en kom er achter.

De lerende organisatie als basis van een Food Safety Culture

De meest succesvolle bedrijven zijn de bedrijven die kunnen leren en zich kunnen aanpassen aan nieuwe modellen, om op die manier sneller te worden dan hun concurrenten. Groeien naar een lerende organisatie is een goede voedingsbodem voor een Food Safety Culture. Doordat iedereen binnen de organisatie de veranderingen en verbeteringen continu in het proces borgt, ontwikkelt de organisatie zich naar een hoger niveau. Maak van medewerkers ambassadeurs en groei naar een lerende organisatie die voedselveiligheid continu op hoog niveau waarborgt.

Niet meer reactief maar juist proactief wordt de norm: niet meer halen maar brengen. In kunnen spelen op trends en ontwikkelingen zijn focuspunten binnen lerende organisaties. Medewerkers worden loyaler, zijn makkelijker duurzaam in te zetten, ontwikkelen een bredere kennis en grotere betrokkenheid in de organisatie. Het management moet aan de slag met de competenties: ondernemerschap, coaching en eigenaarschap. In de praktijk het verschil willen maken. Continu willen veranderen is de solide basis van een bedrijfsvoering met visie op de toekomst.

Resultaat van een lerende organisatie

Het uiteindelijke doel is het creëren van een permanent lerende organisatie die altijd klaar is om toekomstgericht te zijn en in kan spelen op de steeds veranderende omstandigheden. Gedragsverandering is hierbij essentieel. Het gaat om het ontwikkelen van een leercultuur (‘een leven lang leren’) en leerpaden met moderne methoden en technieken. Gedragsverandering wordt echter niet alleen gerealiseerd door kennis. Het vraagt ook om flexibiliteit, een positieve instelling en vooral het vermogen om praktisch te blijven denken. Gedrag in organisaties kan alleen veranderen in nauwe samenwerking tussen collega’s. En hoe beter medewerkers dit begrijpen, des te beter kan er effectief worden gecommuniceerd waarbij ook de betrokkenheid nog eens wordt vergroot.

In vijf stappen naar een lerende organisatie

Elke organisatie heeft een cultuur. Het is de vraag of de huidige cultuur de juiste is om uit te kunnen groeien tot een cultuur gericht op continu verbeteren en of er een lerende organisatie kan ontstaan. Het ontwikkelen van een lerende organisatie vraagt om een herziening van het totale beleid van de organisatie en het opleidingsaanbod. Dit zijn de vijf stappen waarmee naar een lerende organisatie kan worden gegroeid:

  1. 0-meting binnen alle bedrijfsonderdelen en van de bedrijfscultuur.
  2. Metingen met testen, interviews, vragenlijsten, MTO, etc. om de juiste focus te achterhalen voor een lerende organisatie.
  3. Statusbepaling huidige situatie lerende organisatie, leiderschapsstijl huidig en gewenst, verbeterpunten bepalen.
  4. Concreet plan van aanpak gericht op de bevordering van een lerende organisatie, met aandacht voor het management en de productievloer.
  5. Dubbele loop PDCA-model voor continu verbeteren.

Focus bij alle stappen is om in het begin ‘snelle beweging’ te creëren, kleine successen te behalen en te vieren, waardoor vertrouwen en draagkracht ontstaat voor een lerende organisatie.

Cultuur is de samenhang van alles wat bijdraagt tot het in standhouden van de waarden

Het gaat om datgene dat men als samenleving belangrijk vindt als basis om gelukkig, veilig, gezond en welvarend te worden of te blijven en wat men daarvoor doet. Dat geldt dus ook voor bedrijven en organisaties. Dit is de belangrijkste reden om naar het totaalproces van de organisatie te kijken bij cultuurverandering. Cultuur is dus de uiterlijke verschijningsvorm, het patroon van gedachten en gedrag waarmee de fundamentele waarden (die moeten leiden tot welvaart, geluk en toekomstperspectief) worden geborgd. Omdat ieder bedrijfsonderdeel mede bepalend is voor de cultuur ontkom je er niet aan het als geheel te zien, maar wel keuzes te maken in wat je doet en waarmee je begint. Het start altijd met in kaart brengen van je fundamentele waarden en die tegen het licht te houden.

Het denken en doen kan bovendien aangeleerd worden,  en als de mensen die aangeleerde kennis in hun hart, hoofd en handen verankeren, is het proces echt geborgd.

De mens als bepalende factor

Het doorvoeren van een cultuurverandering is een ambitieus maar waardevol proces. Een lerende organisatie vraagt dat alle medewerkers continu bereid zijn het proces te verbeteren. De organisatie en communicatie is dusdanig ingericht dat ieder zich onderdeel voelt in de lerende organisatie en vol energie, passie en ondernemerschap de verantwoordelijkheid neemt voor de ontwikkeling en de kwaliteit van de organisatie.

Communicatie, leiderschap, commitment en toewijding, betrokkenheid en actieve participatie van éénieder stellen de mens in de organisatie als bepalende factor centraal.

Resultaatgericht trainen

Enkel het benoemen van een probleem en het kenbaar maken van de wenselijke situatie leidt niet tot verandering. Wat je weet, is niet altijd wat je doet……  In de praktijk zal een training waarbij enkel kennis wordt aangeboden misschien leiden tot een wijzere deelnemer, maar dit brengt geen verandering in gedrag teweeg. Voor gedragsverandering wordt bij trainingen ingezet op hart en hoofd. Met kennis vullen we het hoofd, met vaardigheidstraining vullen we het hart. Als het gaat om het oplossen van problemen in de cultuur van een bedrijf in de voedingsmiddelenbranche, worden bijvoorbeeld de mogelijke gevaren van een product of productieproces benoemd en wordt gestuurd op gedragsverandering.  Betrokkenheid en verantwoordelijkheid tijdens training zijn van belang. Bijvoorbeeld door te stimuleren dat medewerkers elkaar complimenten geven. Zo wordt het makkelijk gemaakt om kennis (waarneming over een gevaarlijke situatie) bespreekbaar te maken op de werkvloer en deze positief te waarderen (met een compliment).

Het begint met ambitie

Hoewel Food Safety Culture inmiddels in de verschillende standaarden zijn intrede doet, leidt alleen dat nog niet tot succes. Een cultuurverandering vindt enkel plaats als er een oprechte ambitie is om het beter te willen doen dan voorheen en dan concurrenten in de branche. Een ambitie die gevoed wordt door de drang naar continue verbetering van voedselveiligheid en kwaliteit. Zonder die ambitie is het slechts minimaal voldoen aan de normen en eisen. Daardoor zal een cultuur niet veranderen en zal de organisatie geen voedselveiligheidscultuur tot stand brengen.

Die ambitie mag hoog zijn en dient duidelijk te worden uitgesproken naar de organisatie wil het tot succes leiden.

Methoden voor continu verbeteren

Gelukkig bestaan er diverse bewezen methoden om producten, processen en werkwijzen continu te kunnen verbeteren. Zo is de PDCA-cyclus (Plan-Do-Check-Act) een bekende bij verbeteracties. Maar leidt dit ook tot een (meetbare) verbetering van de voedselveiligheids- en lerende cultuur? Het is noodzaak de soft skills van het management te trainen en te optimaliseren zodat de kaders voor een lerende organisatie ook tot uitvoering kunnen komen. Op deze manier worden de processen ook in het gedrag van de medewerkers geborgd en is er optimale ruimte voor een lerende cultuur met dito bedrijfsprocessen.  Naast het gebruik van de PDCA-cyclus hebben veel bedrijven ook echt de ambitie om te verbeteren. Niet alleen op voedselveiligheid maar ook op kwaliteit, betrokkenheid en processen.  Er zijn dan ook diverse andere tools die hierin ondersteunend kunnen werken zoals de dubbele PDCA-cirkel, lean tools, werkvloersessies, etc…. . Het is belangrijk dat elke gewenste verbetering begint met het formuleren van heldere, meetbare doelstellingen…. En deze dan correct en regelmatig op te volgen.

Formuleer doelen

Er zijn diverse methoden en hulpmiddelen om doelen te bepalen en hieraan gerelateerde acties te initiëren. Actieve deelname of betrokkenheid van medewerkers is hierbij sterk afhankelijk van het kennisniveau van de individuele medewerker. En daarmee dus van invloed op het succes van de gewenste gedragsverandering die nodig is om te komen tot een goede voedselveiligheidscultuur.

Goed leiderschap tonen

De leiders van de organisatie moeten zorgen voor een open cultuur, vertrouwen en veiligheid. De noodzaak waarom de organisatie wil transformeren moet duidelijk zijn bij alle medewerkers. De leiders moeten inspireren en een ‘groei mind-set’ hebben; dit stimuleert open en leergierige medewerkers die weer invloed hebben op betere resultaten. Leiders in een lerende organisatie moeten medewerkers stimuleren door goed om te gaan met fouten en het stellen van leerdoelen in plaats van prestatiedoelen.”

kantoor-2

Culture is patterned ways of thought and behaviour that characterize a social group, which can be learned through socialization of processes and persist through time (Coreil, Bryant and Henderson, 2001).

Leiderschapscompetenties in een lerende organisatie:

  • Hoe vertrouwen opbouwen
  • Empathisch vermogen
  • Duidelijk sturen op afspraken
  • Open en eerlijke communicatie (lijn – medewerker)
  • Kwetsbaar opstellen
  • Cultuurdrager

Normec Foodcare helpt graag

 We sparren graag over het ontwikkelen naar een lerende organisatie en de meerwaarde ervan. Een greep uit de trainingen gericht op het ontwikkelen van een lerende organisatie:

  • Leidinggeven aan professionals
  • Communicatie
  • Functioneel coachen
  • Procesverbeteringstechnieken op de productievloer

Hoe bereik je een sterke Food Safety Culture?

Het opbouwen van een sterke Food Safety Culture (voedselveiligheidscultuur) is een zeer belangrijk aspect voor bedrijven in de levensmiddelenindustrie. Ook verschillende kwaliteitsstandaarden, zoals BRC Food Safety en IFS Food, stellen steeds meer eisen aan de cultuur van een organisatie. Maar wat is dat nou precies, een sterke Food Safety Culture? En wat houdt dat in de praktijk in?  

Voedselveiligheid als onderdeel van de bedrijfscultuur

Een bedrijfscultuur is lastig in kaart te brengen. Het gaat hierbij namelijk over de dagelijkse gang van zaken binnen een bedrijf zoals de normen en waardenverwachtingen die gelden, ongeacht of deze goed of slecht zijn. Deze aspecten binnen een organisatie beïnvloeden het gedrag van het personeel en is als het ware een weerspiegeling van de cultuur van een bedrijf. 

Voor jouw bedrijin de levensmiddelenindustrie wordt het steeds belangrijker dat de geldende bedrijfscultuur een cultuur van voedselveiligheid is. Dit is ook te herleiden uit de definitie die het Global Food Safety Initiative (GFSI) aan Food Safety Culture steltEen voedselveiligheidscultuur gaat volgens het GFSI om de gedeelde waarden, overtuigingen en normen die van invloed zijn op de mind-set en het gedrag ten aanzien van voedselveiligheid in de gehele organisatie. Dit gaat dus verder dan alleen zeggen dat voedselveiligheid hoog in het vaandel staat binnen de organisatie. Het moet als het ware ook voelbaar zijn binnen de organisatie. Maar hoe doe je dat? 

Concrete normeisen voor de Food Safety Culture

Ondanks dat het al langere tijd verweven zat in verschillende kwaliteitsstandaarden, was BRC Food Safety met de komst van versie 8 de standaard die als eerste ook concrete normeisen voor de voedselveiligheidscultuur opnam. Inmiddels zijn er verschillende andere kwaliteitsstandaarden die het onderwerp ook opgenomen hebben.  

BRC Food Safety heeft naast de gestelde normeisen, middels verschillende ondersteunende documenten geprobeerd duidelijk te maken wat zij van een organisatie verwachten met betrekking tot de voedselveiligheidscultuur. Zo wordt er verwacht dat je als bedrijf allereerst de huidige cultuur in kaart brengt. Op basis daarvan bepaal en plan je acties en/of doelstellingen om de voedselveiligheidscultuur te monitoren en verder te versterken. Uiteindelijk moet je die acties en/of doelstellingen uitvoeren en moet je als bedrijf beoordelen of het beoogde resultaat behaald is. 

Het goede voorbeeld komt van het management 

Wat geldt voor iedere bedrijfscultuur, en wat vanuit de kwaliteitsstandaarden ook zichtbaar wordt, is dat een (voedselveiligheids)cultuur moet worden geleid vanuit de top van de organisatie. Het begint dus bij het management. Hun leiderschapsgedrag, overtuigingen en uitgedragen normen in de praktijk beïnvloeden allemaal de voedselveiligheidscultuur. Het is daarom noodzakelijk dat het management eenduidig is over voedselveiligheidsaspecten, hiervoor commitment laat zien en dit ook uitdraagt naar het personeel 

Het opstellen van een duidelijk voedselveiligheidsbeleid geeft het management de mogelijkheid om hun visie voor de voedselveiligheidscultuur inzichtelijk te maken en uit te dragen binnen de organisatie. Op die manier kan er intern begrip en betrokkenheid voor voedselveiligheid gecreëerd en versterkt worden. Belangrijk: het bouwen van een voedselveiligheidscultuur doe je als managementteam niet alleen. Je doet het samen met jouw medewerkers.   

food-safety-culture

Versterken van de Food Safety Culture

Om een cultuur te kunnen veranderen of versterken, is het belangrijk dat je eerst kijkt naar hoe men tegen de huidige cultuur aankijkt. Iedereen kijkt namelijk met een andere bril. Waarschijnlijk zijn er verschillende groepen met ieder een eigen visie op de huidige cultuurAls managementteam is het belangrijk om zich bewust te worden van het onzichtbare gedrag en onbewuste normen en waarden binnen de organisatie. Wanneer deze inzichtelijk zijn, kun je gericht het gedrag en denkwijzen van personeel gaan veranderen.  

Een manier om het inzichtelijk te maken, is bijvoorbeeld door diepte interviews of anonieme enquêtes te houden in alle lagen van je organisatie. Op basis van de uitkomst kunnen er conclusies getrokken worden over de huidige cultuurZijn we als organisatie tevreden over het huidige niveau? Zijn er bepaalde gebieden waar we verbeteringen teweeg kunnen brengen? Zo ja, hoe gaan we dit dan  doen? Vergeet als management ook vooral niet kritisch te reflecteren en naar het eigen handelen te kijken. 

Stel een meetbaar plan op 

Stel uiteindelijk een concreet en meetbaar plan op met daarin acties om de voedselveiligheidscultuur te versterken en goed gedrag te stimuleren. Voer dit plan uit en beoordeel of het gewenste resultaat behaald is. Dit zal voor de organisatie een proces van continue verbetering teweeg brengen. 

Meer informatie? 

Wil je meer weten over voedselveiligheidscultuur? Of ben je op zoek naar ondersteuning bij het toepassen van de normeisen binnen jouw organisatie? Neem dan contact met ons op via info@normecfoodcare.om of bel naar +32 (0) 800 309 88. Wij helpen je graag. 

Als eerste op de hoogte zijn van de nieuwste kennisartikelen? Volg onze LinkedInpagina

MFQI en Goodacre gaan verder als Normec Maas Goodacre

Maas Fruit Quality Inspection (MFQI) en Goodacre zijn in 2021 onderdeel geworden van Normec Foodcare. Per 1 januari 2023 gaan beide organisaties verder onder de nieuwe naam Normec Maas Goodacre. In de wereld van AGF-productkeur wordt hiermee één der grootste partijen op het gebied van AGF-inspecties gevormd. Het team werkt met 45 gemotiveerde medewerkers.

Maak kennis met Normec Maas Goodacre

De specialisten van Normec Maas Goodacre beoordelen de kwaliteit van alle AGF-producten en adviseren daarin. Daarnaast verzorgt Normec Maas Goodacre ook claiminspecties, second opinion en detachering van keurmeesters in periode van piekdrukte en onderbezetting. Ook worden, in nauwe samenwerking met Normec Training & Education, geaccediteerde AGF-opleidingen en trainingen aangeboden. Met dit uitgebreide dienstenpakket is Normec Maas Goodacre dé onafhankelijke partner en bieden wij oplossingen op het gebied van:

  1. Productkeur AGF
  2. Opleiden keurmeesters
  3. Detachering keurmeesters
  4. Advisering en Second opinion
  5. Survey en Claiminspecties
  6. Advies en onderzoek opslagcondities

Wereldwijde ondersteuning voor alle soorten groente en fruit

Vanuit de regio Rotterdam verleent Normec Maas Goodacre diensten in Nederland, België, Frankrijk en Duitsland. Inspectieresultaten worden digitaal vastgelegd en gerapporteerd in QC-one. Nog dezelfde dag beschikt de klant over de rapportages.

Ondersteuning in de hele keten

De missie van Normec Foodcare is dat iedereen onbezorgd kan genieten van goed en veilig eten. Elke schakel in de keten heeft hier invloed op en kent zijn eigen uitdagingen. De overnames van MFQI en Goodacre passen in de ambitie van Normec Foodcare om als totaalaanbieder én specialist een nog betere bijdrage te leveren aan kwaliteit in de hele keten.

Toegevoegde waarde in AGF, agro, feed en food

Normec Foodcare: koploper in de hele keten en kennispartner in voedselveiligheid, productkwaliteit en smaak. Door bundeling van onze expertises helpen we met allerhande vraagstukken en oplossingen op het gebied van onder andere kwaliteit en voedselveiligheid, laboratoriumonderzoek, smaaktesten, productkeur, QA-automatisering, flexibele inzet van kwaliteitsmanagers en keurmeesters, opleidingen & trainingen, risicomanagement en label compliance.

IFS geschorst door GFSI

GFSI heeft besloten IFS per 8 december 2022 voor 3 maanden te schorsen als GFSI erkend. Wat betekent dit voor je IFS-certificaat of aankomende certificering?

Geldigheid IFS-certificaten

Als je op dit moment gecertificeerd bent voor IFS hoef je geen actie te ondernemen. De GFSI-erkenning van een huidig certificaat van je locatie blijft geldig tot de vervaldatum van het certificaat. Dat geldt voor IFS-audits die vóór 8 december 2022 uitgevoerd zijn. IFS-audits die uitgevoerd worden tijdens de periode van schorsing vallen niet onder de GFSI erkenning. Dit geldt voor alle IFS normen.

GFSI

GFSI geeft in het schorsingsbesluit geen toelichting op de aanleiding voor de schorsing. IFS kan in beroep gaan tegen deze beslissing. Deze mogelijkheid ligt vast in de GFSI-regels. Voor belanghebbenden, zoals bedrijven met een IFS-certificaat, heeft GFSI een lijst met vragen en antwoorden (FAQ) gepubliceerd. Hierin wordt uitgelegd wat de consequenties zijn van de schorsing en welke acties betrokken bedrijven moeten uitvoeren:

  • Is je bedrijf IFS-gecertificeerd en hoeft er geen audit uitgevoerd te worden tijdens de schorsingsperiode? Dan is geen actie nodig.
  • Als voor je bedrijf een IFS-audit is gepland tijdens de schorsingsperiode, dan is het certificaat dat je verkrijgt bij deze audit niet GFSI-erkend. In dit geval moet je met je afnemers overleggen wat voor hen acceptabel is. Het kan een optie zijn over te stappen naar een andere GFSI-erkende standaard.
  • Mocht IFS na 8 maart haar GFSI erkenning terugkrijgen, dan blijven de certificaten uitgegeven op basis van audits uitgevoerd tussen 8 december en 8 maart niet GFSI-erkend.

IFS

IFS stelt op haar website en in een brief aan haar stakeholders dat haar professionaliteit ten aanzien van voedselveiligheid niet ter discussie staat bij GFSI. Wel is er wrijving tussen de twee organisaties. IFS stelt de rechtmatigheid van de ‘GFSI-race-to-the-top’ werkwijze ter discussie en heeft deze op wettelijkheid laten beoordelen ten aanzien van de anti-trust en concurrentiewetgeving.

Duidelijk is dat IFS stappen onderneemt om het besluit van GFSI aan te vechten en daarbij haar advocaten inschakelt. IFS meldt daarnaast dat de retailers en groothandelaren aangesloten bij het IFS netwerk hebben aangegeven dat voor hen de IFS certificaten geldig blijven tijdens de schorsingsperiode.

Vervolg

Of de problemen binnen de schorsingstermijn opgelost gaan worden, is niet duidelijk. IFS en GFSI doen daar allebei geen enkele uitspraak over. Heb je een initiële IFS-audit gepland staan in de schorsingsperiode? Dan is uitstel van deze audit een optie, waarbij een nieuwe auditdatum afgesproken moet worden met de certificerende instelling. Neem in dat geval dus zeker contact op met je certificerende instelling en houd contact met je klanten.

Whitepaper Validatie en verificatie

Een up-to-date kwaliteitssysteem is essentieel om goed en veilig voedsel te produceren en te voldoen aan de verwachtingen van de klant. Maar hoe weet u of het kwaliteitssysteem van uw bedrijf up-to-date is? Het antwoord op deze vraag lijkt eenvoudig, namelijk door het uitvoeren van validaties en verificaties. Veelgebruikte termen die in de praktijk helaas regelmatig vragen oproepen. Hoogste tijd om duidelijkheid te scheppen.

Onze experts van het Normec Foodcare Kenniscentrum leggen in deze whitepaper uit hoe het zit. Ontdek:

  • De verschillen tussen validatie en verificatie
  • Wat het belang is van beide processen
  • Een stappenplan voor het uitvoeren van validaties en verificaties
  • Hoe u een op risico gebaseerde planning opstelt
  • Hoe validatie en verificatie bijdragen aan continue verbetering binnen de organisatie

Download whitepaper Validatie en verificatie

Laat uw gegevens achter en download direct de whitepaper.

Noodzakelijke processen voor een goed en veilig product

De termen validatie en verificatie worden in de praktijk veel door elkaar gebruikt voor diverse controle processen. Hoewel de methodes die in beide gevallen gebruikt worden gelijkwaardig kunnen zijn, bestaan er essentiële verschillen als het gaat om het doel en de timing. Beide processen maken deel uit van een effectief kwaliteitssysteem. En dat zorgt er weer voor dat de processen binnen een bedrijf optimaal werken én dat aan de klantverwachtingen wordt voldaan.

Download whitepaper Validatie en verificatie

Laat uw gegevens achter en download direct de whitepaper

Downloaden

Onderzoek & Advies

Stilstand is achteruitgang. Handelshuizen, boeren en tuinders investeren daarom in innovaties op het gebied van duurzaamheid, hygiëne, productieverhoging en nieuwe producten. Maar hoe maak je producten duurzamer, beter en gezonder? Wij bieden je een one-stop onderzoekscentrum waarin alle kennisvelden bij elkaar zijn gebracht. Door middel van onderzoek en advies op maat staan we naast je in je innovatietraject. Bovendien kunnen wij je assisteren met het aanvragen van subsidie.

Wil je aan de slag met duurzame gewasbescherming zoals groene producten of biologische bestrijders? Of zie je mogelijkheden voor productie-, of teeltoptimalisatie, hergebruik van water of organische reststromen? Wij denken graag met je mee. Ook als het gaat om het voorkomen van besmettingen in teelt of handel en het testen of ontwikkelen van nieuwe producten voor een wettelijke toelating.

Ons onderzoeksteam ondersteunt jouw innovatietraject en beschikt over state-of-the-art kennis op diverse kennisgebieden. Van plagen en plantenziekten tot biotechnologie en algen, bemesting en teelt(systemen).

Onderzoek & Advies in het kort

  • Biotechnologie, fermentaties, algen en DNA-sequentie-analyse
  • Microbiële gewasbescherming, contaminanten in voedsel en bedrijfshygiëne
  • Teelt, sensoren, bemesting en inhoudstoffen
  • Plantenziekten, plagen en natuurlijke bestrijders

Op locatie of op afstand, wij staan voor je klaar.

Andre van der Wurff

Neem contact op met onze R&D Manager Andre van der Wurff

Neem contact op

Wanneer en hoe voer je een validatie uit?

Als je op zoek gaat naar de betekenis van valideren, kun je in een spinnenweb van informatie terechtkomen. Een validatie is niet ‘zomaar’ voor elke situatie of ieder bedrijf hetzelfde. Een nieuw of aan te passen element (proces, product, machine, pand) kan altijd gevalideerd worden. Het doel van valideren is namelijk om je ervan te verzekeren dat je vóóraf alle gevaren kent en deze hebt beoordeeld. Om dat doel te halen, zijn de volgende vragen van belang: wanneer is valideren noodzakelijk? En hoe kun je dit praktisch uitvoeren? 

Wat is validatie?

Heel kort gezegd is valideren ‘iets’ geldig verklaren. Het is een  proces om te komen tot een geaccepteerde kwaliteit van een gegeven. Voor een HACCP-systeem komt dit neer op het verkrijgen van bewijs dat ‘iets’, indien correct geïmplementeerd, in staat is om het gevaar tot een gespecificeerd resultaat te beheersen.

Wanneer valideren?

Valideren heeft betrekking op alle wijzigingen of vernieuwingen binnen een bedrijf. Er zijn situaties welke overduidelijk gevalideerd moeten worden. Denk hierbij aan een nieuw HACCP-systeem, nieuw productiepand, proces, product(groep), etc. Daarnaast zijn binnen de GFSI erkende standaarden, zoals BRCGS, IFS en FSSC 22000 verplichte situaties aangegeven welke gevalideerd moeten worden. Denk hierbij aan het valideren van CCP’s, schoonmaak, houdbaarheid, claims, rework, enzovoorts.

Er zijn echter ook onduidelijkere situaties waarbij je alle kanten op kunt. Een goede start is om je af te vragen of de wijziging of vernieuwing past in het bestaande systeem. Binnen een bestaand systeem past bijvoorbeeld een nieuwe machine, waarvan een oudere variant al jaren in gebruik is. De processtap is hetzelfde, maar de techniek en mogelijk ook de werkwijze zijn verbeterd. Een nieuw product welke enkel een kleinere en lichtere variant is van een bestaand product past natuurlijk ook in het huidige HACCP-systeem.

Het bepreken van de nieuwe ideeën voor verbeteringen van het proces, machinepark en recepturen binnen een overleg is een goed vertrekpunt. Schroom als kwaliteitsverantwoordelijke ook niet om bij de praatjes bij de koffiehoek aan te sluiten als tussen collega’s gespard wordt over toekomstige vernieuwingen. Vaak zijn de ‘wandelgang verhalen’ een goede graadmeter voor nieuwe projecten. Zorg vervolgens voor een platform waarin meerdere disciplines de ontwikkelingen binnen hun verantwoordingsgebied kunnen bespreken. Een goede en tijdige communicatie over ontwikkelingen en investeringen is belangrijk voor het validatieproces. Tijdens dit overleg kan een beslissing gemaakt worden hoe men de validatie gaat uitvoeren en plannen.

mannen kijken naar kunststof bakken

Hoe voer je een validatie uit?

Validatie checklist

Als een verandering binnen het bestaande systeem past, kan worden volstaan met bijvoorbeeld het doorlopen van een validatie checklist. In deze checklist kunnen de verplichte en gewenste (klant)eisen opgenomen worden, waarmee binnen het validatieteam eenvoudig per eis een oordeel gegeven kan worden. Als de verandering leidt tot inhoudelijke wijzigingen van het HACCP-systeem of de bedrijfsvoering dan is het nodig om met het validatieteam samen te komen en een validatieverslag te schrijven.

Nieuwe machine

Wordt een nieuwe of andere machine in gebruik genomen? Gebruik een machine checklist waarbij alle eisen gecontroleerd worden. Denk hierbij aan kalibratie, gegevens van product contactmateriaal, chemische middelen zoals reinigings- en desinfectiemiddelen en smeermiddelen, enzovoorts. Dit kan vaak ingevuld worden door de inkoper van de machine (technische dienst). Beoordeling vindt plaats door het HACCP-team.

Als de nieuwe machine voor een nieuwe processtap zorgt, zal een checklist niet volstaan. Er moet inhoudelijk naar de gevarenidentificatie en risicoanalyse worden gekeken. Het is essentieel om een validatieverslag op te stellen. Komt er bijvoorbeeld een CCP/OPRP bij?

Nieuw product

Een nieuw product, welke past binnen een bestaande product- of assortimentsgroep kan tevens via een checklist of productontwikkelingsprocedure gevalideerd worden. Belangrijk is dat de grondstof dezelfde parameters, zoals allergenen, pH en THT, heeft als de huidige producten. In geval van een nieuwe leverancier gelden de bestaande inkoopafspraken van het bedrijf. Als hieraan wordt voldaan past dit binnen het bestaande systeem.

Als voor de productie van het nieuwe product een nieuwe grondstof, processtap, werkwijze of machine nodig is, past het niet in het bestaande systeem. Binnen het validatieteam moeten meerdere disciplines aangesloten worden en er moet een validatieverslag geschreven worden waarin alle facetten van het kwaliteitssysteem (inclusief HACCP) worden besproken. Het blijft hierbij niet alleen bij de ontwikkeling van de nieuwe receptuur, maar ook de validatie van nieuwe machines, processtappen, onderbouwing houdbaarheid, claims, allergenen, enzovoorts moet uitgevoerd worden.

Bespreek tijdens het validatie overleg alle veranderingen in de bedrijfsvoering naar aanleiding van het nieuwe product. Gedurende het validatietraject kunnen de planning en uit te voeren acties zoals testproducties, sensorisch, microbiologisch en/of chemisch onderzoek worden gemanaged. Schrijf een validatierapport met behulp van de input van de overleggen, alle verkregen informatie en resultaten. Onderbouw hiermee dat het nieuwe product volstaat en aan de klanteisen en wettelijke eisen voldoet.

Lees meer over validaties en productontwikkeling

In de whitepaper Productontwikkeling in Food

Download de whitepaper

Nieuwe ruimte of nieuw pand

Als een productieruimte in het bestaande pand een ander doeleinde krijgt, kan gebruik gemaakt worden van een validatiechecklist als de ruimte eerder al geschikt was voor bestaande productie. Mocht het nieuwe doeleinde andere middelen vereisen (klimaatbeheersing, ongedierteplan, enzovoorts) dan heeft dit een link met het basisvoorwaardenprogramma en moeten mogelijk enkele documenten, zoals de plattegrond en de Food Defense analyse, gewijzigd worden. Rapporteer deze wijzigingen in een validatieverslag.

Word een nieuwe productielocatie gebouwd? Valideer dan in vier fases.

Fase 1: ontwerp

De kernvraag in deze fase is: waar moet het levensmiddelenbedrijf minimaal aan voldoen (basisvoorwaardenprogramma) om voedselveilig te kunnen produceren in een geschikte fabriek en welke dienstverleners hebben we hierbij nodig? Deze fase start reeds bij het maken van de plattegronden en nadenken over de kwaliteit (materialen) gedurende de bouw. Deze fase wordt uitgevoerd, vóórdat apparatuur geïnstalleerd wordt.

Fase 2: installatie

In deze fase ligt de focus op het beoordelen van de gestelde eisen voor oplevering en installatie van pand en machines. In deze fase kan nog bijgestuurd worden om eerder gestelde eisen nog beter te kunnen behalen.

Fase 3: operationeel

Voor eisen en afspraken uit eerdere fases wordt beoordeeld of deze daadwerkelijk tot een voedselveilige productieomgeving hebben geleid. Werkt alles conform het ontwerp en is aanvullende beheersing nodig?

Fase 4: verificatie

Het volledige project wordt in de vierde fase geëvalueerd en dient als goedkeuring van de totale validatie.

Start tijdig met het validatietraject

Valideren kan als een complex project gezien worden. Als toekomstige ideeën in een vroegtijdig stadium bespreekbaar worden gemaakt, kan er alvast een zaadje geplant worden. Vervolgens groeit dit zaadje via alle mogelijke communicatiekanalen en rapportages uit tot een succesvolle en sterke boom! Vraag op tijd ondersteuning bij validatie vraagstukken. Onze Quality Assurance specialisten helpen je graag met het valideren en onderbouwen van nieuwe producten, processen, machines of ruimten. Neem contact met ons op.

Zo voorkom je een voedselinfectie door virussen

Besmetting van voedsel met virussen vormt een groot voedselveiligheidsprobleem. Bij een voedselinfectie denkt men vaak vooral aan pathogene bacteriën zoals Salmonella. Maar het norovirus was in 2020 en 2021 de veroorzaker van de meeste voedsel gerelateerde ziekte uitbraken. Hoe voorkom je dat voedsel besmet raakt met een virus?

Besmetting met voedselvirussen in de voedselketen

Voedsel kan in de gehele voedselketen besmet worden met virussen. Enkele voorbeelden van besmettingsroutes:

  • Het wassen van groenten en fruit met verontreinigd water;
  • Snijden van voedsel op besmette oppervlakken, zoals een snijplank of snijmachine;
  • Besmetting van voedsel via geïnfecteerde personen via hoesten, niezen en/of niet goed wassen van de handen.

De meest genoemde met virussen besmette producten zijn:

  • Schelpdieren zoals oesters en mosselen;
  • Landbouw producten zoals zacht fruit;
  • Ready-to-eat producten die onvoldoende verhit worden.

Meest voorkomende voedselvirussen

Verschillende soorten virussen zijn overdraagbaar via voeding. De virussen die het vaakst bij voedsel gerapporteerd worden zijn:

  • Norovirus
  • Hepatitis A virus
  • Hepatitis E virus

Welke klachten veroorzaakt het norovirus?

Het norovirus is de belangrijkste veroorzaker van buikgriep. Het norovirus is vooral bekend door de uitbraken die voorkomen in ziekenhuizen, zorginstellingen en op cruiseschepen. De ziekte is relatief mild maar bij onderliggend lijden kan de infectie toch ernstig worden (door uitdroging).

Hoe raakt voedsel besmet met hepatitus virus?

Het grote verschil tussen hepatitis A en E is dat hepatitis A erg besmettelijk is. In de eerste weken (ook al voordat er symptomen ontstaan), is er een grote kans op besmetting. De kans op besmetting van mens op mens is zeer klein bij hepatitis E. Besmetting met hepatitis E vindt vooral plaats door het eten van onvoldoende verhit varkensvlees. Bloedbank Sanquin heeft in het verleden varkensvleesproducten onderzocht. In 80% van de leverpatés en 78% van de onderzochte leverworsten is het hepatitis E virus aangetroffen. De NVWA heeft dit bevestigd. Het is dus van belang dat deze producten afdoende verhit worden om hepatitis E te inactiveren.

Welke klachten veroorzaakt het hepatitus virus?

Het woord hepatitis is afgeleid uit het Grieks. Hepar betekent lever en itis ontsteking. Hepatitis veroorzaakt leverontstekingen. Er zijn verschillende virussen die dit kunnen veroorzaken, namelijk hepatitis A en E. De klachten en het ziekteverloop van hepatitis A en E komen overeen. Bij een besmetting met het Hepatitis virus worden vaak aan het begin weinig symptomen ervaren. Vooral jonge kinderen hebben weinig tot geen klachten. Volwassenen voelen zich meestal zieker bij een besmetting. Klachten die kunnen ontstaan na verloop van tijd zijn: misselijkheid, gevoel van griep en geelzucht.

Beheersmaatregelen om voedselbesmetting met virussen te voorkomen

Het gevaar van virussen op voedsel is dat deze zich niet ophopen op het voedsel maar pas vermeerderen in het lichaam (door middel van een gastheercel). Dit maakt vroegtijdige detectie erg moeilijk. Virussen zijn beter bestand tegen verhitting en desinfectiemiddelen dan bacteriën. Dit betekent dat virussen aan het einde van het productieproces nog steeds in een voedingsmiddel aanwezig kunnen blijven en een risico voor de consument blijven vormen. Ook omdat virussen in zeer lage infectiedosissen al ziekmakend zijn.

De Codex Alimentarius Commission (FAO/WHO) heeft richtlijnen gepubliceerd om besmetting van voedsel met virussen te beperken bij bedrijven:

  • Persoonlijke hygiëne. Was na een bezoek aan het toilet grondig de handen en zorg ervoor dat het personeel dit naleeft.
  • Zorg voor genoeg sanitaire voorzieningen met een handenwasgelegenheid.
  • Medewerkers met buikgriep of geelzucht moeten tot een zekere periode na hun herstel thuis blijven.
  • Gebruik gevalideerde schoonmaak- en desinfectiemiddelen en -methoden.
  • Train personeel in het kader van goede handhygiëne en hygiënepraktijken.

Hulp nodig?

Heb je vragen over de beheersing van voedselvirussen? Onze Quality Assurance adviseurs staan graag voor je klaar. Ook voeren we hygiëne-inspecties voor je uit om te controleren of op al je locaties aan de hygiëne eisen wordt voldaan.